Visie en missie: praktisch

Hoe doe je dat als gemeente, wat zijn daarbij de randvoorwaarden?

Christian Schwarz richt zich in zijn boek ‘Natuurlijke gemeente ontwikkeling’ op acht kenmerken van gemeente-zijn die bijna alle christelijke kerken wereldwijd delen. Het zijn acht zelfstandige naamwoorden, waarbij de vraag is welk bijvoeglijk naamwoord je ervoor plaatst. Dat bepaalt het bijzondere karakter van de gemeente.

De acht kenmerken zijn:

1. toerustend leiderschap d.m.v. het Jethro-principe

2. gavengerichte taakvervulling d.m.v. focus op gaven ipv op vacatures

3. hartstochtelijk geloofsleven d.m.v. echte en inspirerende ontmoetingen in de gemeente

4. doelmatige structuren d.m.v het creëren van zoveel mogelijk zelforganisatie

5. inspirerende samenkomsten d.m.v overtuigende prediking en aanbidding

6. groeizame gemeentekringen d.w.z. de kracht van de kleine groep in de grote gemeente

7. behoeftengerichte evangelisatie d.w.z. missionaire activiteiten afstemmen op de behoeften van niet-christenen

8. liefdevolle relaties d.w.z. de christelijke liefde metterdaad aan elkaar en de naaste bewijzen

Deze acht gemeentekenmerken met de bijbehorende typerende bijvoeglijke naamwoorden werken we hieronder uit als concrete missionaire visie voor onze gemeente. Ze vormen een bij elkaar horend geheel om samen toe te groeien naar ons hoofd, Jezus Christus, om Hem te dienen en mensen tot Hem te nodigen. Ons gebed is dat Gods Geest door elk van deze acht facetten van gemeente-zijn blijft blazen, opdat het liefdevuur voor God en elkaar en het intense verlangen om anderen voor God te winnen brandend zal blijven.

ACHT KENMERKEN

1. Toerustend leiderschap

In Exodus 18 maakt Jethro aan zijn schoonzoon Mozes duidelijk dat het niet goed is als alle verantwoordelijkheid op de schouders van één man rust. Hij geeft dan aanwijzingen over wie voor welke taken verantwoordelijk zijn. Ditzelfde principe wordt vele eeuwen later ook door de apostelen gehanteerd in Handelingen 6, om de groei van de gemeente op te kunnen vangen. Het gaat erom dat de hele gemeente wordt verdeeld in kleinere groepen onder leiding van een verantwoordelijke. Mozes zelf houdt de focus op onderwijs in de wet en voorbede voor het volk. Ook de apostelen zeggen dat zij zich voortaan zullen beperken tot gebed en de bediening van het Woord.

We streven in onze gemeente naar goed geestelijk onderwijs. Het gaat hierbij om de prediking in de erediensten en om onderwijs in diverse kleinere groepen dat elkaar onderling versterkt, waardoor mensen samen kunnen groeien in geloof en navolging van Jezus, elk op hun eigen manier en niveau. De gemeente functioneert dus in groepen die inhoudelijk en organisatorisch worden toegerust door de predikant en de gemeenteraad. Alle groepen kunnen op hun eigen manier aanhaken bij een jaarthema dat gebruikt wordt om het onderwijs in de gemeente op elkaar af te stemmen.

Wel is het zaak dat nieuwe gemeenteleden niet te snel leidinggevende verantwoordelijkheden krijgen. Pas nadat ze een groeiproces in het geloof hebben gehad, kunnen we hen groepen of commissies laten leiden, waarbij ze een voorbeeldfunctie hebben of inhoudelijk leiding moeten geven. We zoeken nog naar duidelijke criteria voor leidinggevende taken in de gemeente.

2. Gavengerichte taakvervulling

Hier gaat het om de uitnodiging aan alle gemeenteleden om beschikbaar te zijn voor de opbouw van Gods koninkrijk. Met 1 Petrus 2 zeggen we: ‘Laat u ook gebruiken als levende stenen’. Dit is geen actiegericht woord maar een passief woord: laat je gebruiken, wees beschikbaar, sta open voor wat jij kunt doen in de gemeente daar waar jij past en waar jij kunt doen waar je goed in bent of blijkt te zijn.

We willen als gemeente bewust werken aan openheid voor alle gaven, niet alleen de gave van het praten of luisteren maar ook de gave van het doen, van klussen, van handen uit de mouwen. We zoeken nadrukkelijk de breedte van de gemeente, jong en oud, te betrekken bij wat op ons pad komt, zowel binnen als buiten de gemeente. We merken dat mensen graag willen meewerken, mits het duidelijk is wat van hen wordt verwacht, hoeveel tijd het kost en mits het een gezamenlijk gebeuren is. We proberen daarom bij alle activiteiten het nuttige en het aangename te verenigen. Het missionaire zit er in dat door mensen er op een voorzichtige manier bij te betrekken, er heel natuurlijke contacten ontstaan.

3. Hartstochtelijk geloofsleven

We verlangen ernaar dat de ontmoetingen die we met elkaar hebben in het teken staan van de eer van God, van de aanbidding van onze hemelse Vader en vol van Gods Geest mogen zijn. Daarom worden ontmoetingen die vanuit de gemeente worden georganiseerd altijd omlijst met gebed, meditatie, zang waarbij we niet alleen God om van alles vragen maar vooral Hem willen eren en ons open stellen om van Hem te ontvangen wat Hij ons op dat moment wil geven. Laten we er bewust op letten dat onze ontmoetingen met elkaar ook ontmoetingen met onze Heer zijn. Dat is tot Zijn eer en dat bouwt elkaar meer op dan wat dan ook. We willen daarnaast blijven beseffen dat we onderdeel zijn van de wereld-wijde kerk van Jezus Christus en in die verbondenheid oog blijven hebben voor mede-christenen ver
weg en dichtbij.

Het is voor ons een zoeken naar hoe we elkaar kunnen leren om echte geloofsgesprekken te voeren, na de diensten, op de kringen en op al die andere momenten waarop gemeenteleden elkaar ontmoeten. Dit is een aandachtspunt voor de prediking, voor kringen, jeugdwerk en commissies. Het missionaire zit hier in het hoge doel: duidelijk maken waar het hart van ons gemeente-zijn klopt in alle geledingen: we zijn er tot eer van God, willen Hem in alles centraal stellen en zoeken met elkaar naar Zijn bedoeling in praktische situaties die Hij op onze weg brengt. Het gebed met elkaar, voor elkaar, voor andere christenen en voor de samenleving om ons heen speelt daarin een belangrijke rol.

4. Doelmatige structuren

We streven naar een zo overzichtelijk mogelijke organisatie van de gemeente. Vanaf haar ontstaan is er veel ruimte geweest voor eigen initiatieven van gemeenteleden en dat willen we graag zo houden. We stimuleren zelforganisatie, mits die spontane activiteiten de bestaande dingen in de gemeente niet in de weg staan. De gemeenteraad stuurt op hoofdlijnen via een dagelijks bestuur, het moderamen, en via portefeuillehouders voor 5 aandachtsgebieden: communicatie, pastoraat en diaconaat, kind en jeugd, gemeenteactiviteiten, wijkactiviteiten.

De portefeuillehouders zijn verantwoordelijk voor wat er binnen hun portefeuille gebeurt en brengen dat in in de gemeenteraad als er belangrijke beslissingen genomen moeten worden. Het moderamen bestaat uit de voorzitter, de secretaris en de predikant. Bij hen komen alle lijnen samen en zij zijn met de gemeenteraad verantwoordelijk voor een doelgericht geheel. Belangrijk punt van aandacht is voor hen dat bij alles wat er gebeurt het missionaire karakter gewaarborgd is.
Als samenwerkingsgemeente vanuit de gereformeerde geloofstraditie onderhoudt de gemeenteraad ook de relatie met de moedergemeenten, en via hen ook de relatie met de achterliggende kerkverbanden en bijbehorende organisaties. Voor de PKN is dit de PKN Amersfoort-Noord/Hoogland, voor de NGK de NGK Amerfoort-Noord, en voor de CGK Amersfoort, de Ichtuskerk. We streven ernaar in ons dagelijks gemeente-zijn vorm te geven aan Jezus gebed uit Johannes 17 om samen één te zijn zodat mensen zich als lid van Kruispunt allereerst Zijn volgeling (een christen) voelen en niet allereerst lid van een bepaald kerkverband.

5. Inspirerende samenkomsten

We verlangen naar inspirerende diensten waarin we ons telkens weer bewust mogen zijn van Gods aanwezigheid en van elkaars aanwezigheid. We streven naar missionaire diensten. De missie van iedere dienst is dat mensen God ontmoeten en daardoor veranderen. Voor nieuwkomers gaat het dan om bekering tot God, voor gelovigen gaat het om voortgaande vernieuwing van hun leven. Iedere dienst is wat ons betreft een missionaire dienst, een dienst met een lage drempel en hoog doel.
We proberen te werken aan een lage drempel door nieuwkomers te verwelkomen, hen uitleg over de gang van zaken te geven, en in de dienst te noemen dat ieder vrij is om wel of niet mee te doen met het zingen, bidden enz. De diensten zijn zo toegankelijk mogelijk, met een heldere boodschap, relevant en indringend. Wat we doen, doen we heel bewust met het oog op het hoge doel van de eer van God en de redding van mensen. Geen kabbelende diensten maar een inspirerend en ingrijpend gebeuren tussen God en ons allemaal. Daarbij streven we naar een concete bijdrage van gemeenteleden in de diensten.

6. Groeizame gemeentekringen

Voor de geestelijke groei en de onderlinge band zijn gemeentekringen als kleine groepen onmisbaar. De kleine groepen vormen het hart van het gemeente-zijn omdat mensen elkaar leren kennen en vertrouwen, er een lage drempel is om anderen mee te nemen en er een goede opvangmogelijkheid is voor nieuwkomers. De leiding van elke groep bestaat het liefst uit twee personen zodat ze kunnen delen met elkaar.

We streven naar diverse groepsvormen die rekening houden met verschillende omstandigheden en interesses van hun leden, met het doel van de groep en met de ruimte om zelf initiatieven te ontplooien. We maken daarbij onderscheid in geografi sch gebonden groepen, leeftijdsgebonden groepen en thema/activiteitgebonden groepen, zonder strikte grenzen te stellen. Belangrijk is wel alert te blijven op het open karakter van elke groep en de bereidheid anderen op te nemen of nieuwe groepen te vormen. Ten slotte streven we naar groei van het aantal gebedstrio’s door de gemeente heen omdat we geloven dat God de gemeente draagt door de kracht van het gebed.

7. Behoeftegerichte evangelisatie

In ons verlangen om mensen te bereiken met het evangelie van Jezus richten we onze aandacht in de eerste plaats op de missionaire levensstijl van de gemeenteleden. De gemeente is in alle onderdelen zo gastvrij mogelijk maar de gemeenteleden moeten hun buren, kennissen, collega’s en klasgenoten meenemen. We willen hen daarbij helpen en stimuleren op alle mogelijke manieren. Het begint dus bij een missionair bewustzijn. Daarnaast zoeken we voortdurend naar manieren om met wijkbewoners in contact te komen. Om hen te bereiken, moeten we niet denken vanuit de aanbodkant van de gemeente maar vanuit de vraagkant van de wijkbewoner. Om te weten wat er in de wijk speelt, willen we een structurele sociale partner zijn in het (professionele) wijknetwerk Vathorst, waarbij we zoveel mogelijk met de andere kerken in Vathorst samenwerken.

8. Liefdevolle relaties

We zijn een gemeente die klein is ontstaan, waardoor eenvoudig onderlinge contacten ontstonden en veel leden elkaar leerden kennen. Door de groei van de gemeente is die natuurlijke manier van omgaan met iedereen niet meer vanzelfsprekend. Er ontstaan groepjes, er ontstaan ook voorkeuren voor stijl en kleur van de gemeente, er ontstaat het gevaar dat mensen tussen wal en schip vallen, nergens echt bij horen.

Het is juist nu, tijdens een groeiperiode, noodzakelijk dat we de christelijke liefde in praktijk brengen, dat we onze eenheid in Christus beseffen temidden van de verschillende voorkeuren. Ook is het belangrijk dat we naar elkaar om blijven kijken, dat we blij zijn als we elkaar weer zien, dat we elkaar missen als iemand er een keer niet is. De voorbede, de gebedsbrief, de bloemengroet en het koffiedrinken na de dienst spelen hierin een rol. Maar tegelijkertijd kunnen ook hierin mensen zich alleen voelen. Het is belangrijk om via prediking en kringen dit onderwerp regelmatig ter sprake te brengen. Ken elkaar, heb elkaar lief, aanvaard elkaar. Deze bijbelse woorden moeten ook binnen onze gemeente voortdurend gespeld worden. Willen we ook maar iets uitstralen naar onze omgeving, dan is dat misschien wel in de eerste plaats op dit punt. In Handelingen 2 blijkt naast de verkondiging juist de onderlinge liefde de grote aantrekkingskracht van de gemeente.

Terug naar visie & missie